

Wandeling 16 mei 2026



Gisteren, zaterdag 16 mei, had ik het genoegen om met een groep van zo’n dertig belangstellenden en kleine wandeling. We liepen langs en stonden stil bij plaatsen in het stadscentrum die hun ontstaan (mede) te danken hadden aan oud-burgemeester Marcel van Grunsven. Onder de wandelaars waren ook de jongste dochter van onze oud-burgervader Gertie van Grunsven en haar man Charles Bongaerts, oudste zoon van de verzetsheld Bongaerts, die zijn daden vlak voor het eind van de oorlog met de dood moest bekopen. De Bongaertslaan is naar hem vernoemd.



De keuze van de dag had te maken met het feit dat het precies 100 jaar geleden was dat Marcel van Grunsven burgemeester van Heerlen werd. Hij zou dat 36 jaar blijven. De wandeling begon natuurlijk in het Heerlense raadhuis, dat voor ruim de helft van zijn ambtsperiode zijn werkplek was. Eentje die hij zelf had bedacht, samen met architect Frits Peutz. Van Grunsven was zo trots op dit gebouw dat hij voor de officiële opening ervan, door prinses Juliana in 1948, elk Heerlens huisgezin (32.000) een boekje erover gaf.

Hierboven: Met gids Massimo de Perna in de kelder.
Rechtsboven: terwijl wij ons. voorbereiden op een verhaal over de geschiedenis van Heerlen protesteerden deze mensen omdat ze zich zorgen maken over de leefbaarheid van onze stad in de toekomst.
Rechtsonder: wij. kijkend naar het protest, vanaf het balkon aan de noordkant van het nieuwe gemeentekantoor.


Nog steeds is de gemeente terecht trots op dit gebouw en verzorgen diverse ambtenaren er rondleidingen voor burgers. Sinds enkele jaren gebeurt dit in combinatie met een tochtje door het nieuwe, door Francine Houben, gebouwde deel. Ook wij werden op zo’n rondleiding getrakteerd. Massimo de Perna leidde ons door het Raadhuis en wist zelfs in de fietsenkelder iets interessants over het gebouw te vertellen.

Links: ook over nieuwe elementen in het Heerlens Raadhuis werd uitleg gegeven. Hier over de symboliek van het vloerkleed in de raadszaal.
Rechts: Op het Raadhuisplein viel veel te vertellen over de plannen die Van Grunsven met de stad had.

Nadat we met zijn allen de werkkamer van de burgemeester hadden bevolkt en bekeken, waarbij ik het niet kon nalaten te zeggen dat ik het beeldje van Der Koehp miste, gingen we, met enige vertraging, aan de wandel.
Onder een heerlijk zonnetje vertelde ik over de plannen van Van Grunsven met het Raadhuisplein. Er een schaatsbaan van maken hoorde daar niet bij, maar dat was het in de winter wel vaker. Enkele van de aanwezigen kon daar persoonlijk van getuigen.
We bekeken de ‘oude’ HEMA en sommigen van ons kwamen weer in de sfeer van tompoucen en rookworsten. Het ging bij dit gebouw echter om het verhaal van de doorbraak in de Geleenstraat en het voorkomen dat dit pand op het huidige Pancratiusplein werd gebouwd. Van dat plein hielden we bij de volgende stop gepaste afstand, omdat anders door de geluiden horend bij het beach-volleybal van mijn verhaal niets te verstaan zou zijn geweest.


Vervolgens liepen we door de ‘straat zonder naam’ naar de Bongerd. Daar kon ik als een soort marktkoopman in geschiedenis vanachter een kraampje mijn verhaal over Van Grunsvens bemoeienis met het Glaspaleis en de Promenade vertellen. Dat een enkele ‘verstekeling’ zich met zijn/haar boodschappen bij het gehoor aansloot was geen probleem. Ze luisterden even aandachtig mee. Op de markt was de gulden immers een daalder waard. U mag zelf omrekenen wat dat in euro’s is.



Vanwege de tijd besloten we de schouwburg links te laten liggen en gingen we via de Saroleastraat naar de Royal. We vormden met dertig personen een flink, maar helaas niet groot genoeg obstakel voor de fatbikes. Ondertussen vertelde ik mijn gehoor dat het de schuld van Marcel van Grunsven is dat onze mooiste bioscoop altijd zo snel smerig wordt en dan ook tot de volgende verfbeurt blijft. De opdrachtgever, Max van Bergen, wilde tegeltjes tegen de buitenwanden, net zoals bij de ‘oude’ HEMA het geval is. Toen architect Frits Peutz dit aan de burgemeester vertelde, sprak deze zijn veto uit. Op vakantie in Frankrijk had ‘terra nova’ gezien, een soort ruw stucwerk. Dat moest er komen. Zo geschiedde. Met als gevolg dat de Royal na een jaar de ‘stjub’ van de Oranje-Nassau Mijn I te hebben opgevangen, al helemaal grauw zag. Zelfs de Lange Jan, die ruim een maand na de opening van de Royal in bedrijf ging, kon dat niet verhinderen.
Tot slot hadden we nog een gezellig samenzijn met koffie en vlaai en ander lekkers bij Helma, Reinier en Richard in De Poort van Heerlen.

Ik bedank alle belangstellenden voor hun aandacht, vragen, opmerkingen, wetenswaardigheden en complimenten. Ik geloof dat zij het de moeite waard vonden en dat geldt ook voor mij.
Daarom denk ik na over een tweede Marcel van Grunsven-wandeling. Waarschijnlijk in juni. Daarvoor heb ik inmiddels al ruim 20 gegadigden. Heeft u interesse en dat nog niet kenbaar gemaakt, stuur dan zo snel mogelijk een mail naar info@ouweleem.nl
De wandeling is gratis (vrije gave aan de Stichting Ouwe Leem is natuurlijk welkom – zie voor de bankgegevens onderaan de HOME-pagina van de website).
Blieëf grave
Blijf graven!
